Jodelen in Amerika

Je zou het misschien niet verwachten maar in Amerika werd ooit aardig veel gejodeld. Want hoewel jodelen zijn oorsprong vindt in de Europese Alpen kwam het via verschillende wegen ook in de Amerikaanse cultuur terecht.

Jodelen is een zangtechniek waarbij de zanger heel snel wisselt tussen de lage borststem en de hoge kopstem. Hierdoor ontstaat een karakteristiek, jankend geluid met grote sprongen in toonhoogte. De techniek is van nature erg luid, waardoor het geluid ver draagt. Daardoor werd het in bergachtige gebieden als communicatiemiddel gebruikt om op grote afstanden berichten over te kunnen brengen.

Tijdens de 19e eeuw waren er Duitse immigranten in Pennsylvania die jodelen introduceerden aan gefascineerde Amerikanen. Naarmate de immigranten verder Amerika introkken verspreidden zij het jodelen onder Schotse, Ierse en Scandinavische immigranten maar ook onder de slaven. In 1853 omschreef journalist Frederick Law Olmsted jodelen als: “Lang, luid, muzikaal geschreeuw, stijgend en dalend afwisselen van kop- en borststem.”
Eenmaal buiten de Alpen waren anderen erg gefascineerd door het jodelen. Vanwege die interesse ontstonden er muziekgroepen die het jodelen aan publiek lieten horen. Het jodelen was niet langer alleen maar een communicatiemiddel.

De Tyrolese Minstrels

Vanaf 1830 traden de Oostenrijkste families Hauser en Rainer op in Amerika. De periode daarvoor hadden ze met veel succes door Europa getoerd. De Rainers waren de eersten en ze werden gevolgd door de Hausers. De Hausers toerden onder de naam Tyrolese Minstrels. Ze combineerden zang, jodelen en Alpenstijl in harmonie. De Tyrolese Minstrels zorgden voor een echte rage in Amerika. De zangkwaliteiten van beide groepen en de muziekinstrumenten (o.a. gitaar en citer) die de Hausers gebruikten maakten grote indruk in Amerika.

Voorbeeld van een 19de eeuwse Citer uit de Alpen

De citer was een onbekend instrument in Amerika en Joseph Hauser heeft de eer dit instrument in Amerika geïntroduceerd te hebben. De citer evolueerde naar een typisch Amerikaans instrument: de Dulcimer.

Folkzangeres Jean Richie spelend op een Dulcimer

Tijdens hun tournee door Amerika groeide de faam van de familie Hausers en de Rainers. Ze vermaakten publiek in New York, Boston, Chicago, Milwaukee en nog heel wat andere Amerikaanse steden. Het succes van de beide groepen had tot gevolg dat gedurende tientallen jaren daarna veel Oostenrijkse muziekgroepen rondreisden door Amerika. Gedurende de jaren 1840 trokken tientallen Duitse, Zwitserse en Oostenrijkse zanggroepen door het land en vermaakten het publiek met een combinatie van zang, jodelen en Alpenmuziek. Het succes van de Europese groepen leidde ook tot de oprichting van Amerikaanse familiezanggroepen. De populairste was de “Hutchison Family Singers”, die rondtoerden en harmonie zongen en jodelden. Er kwamen ook parodieën op de Amerikaanse jodelgroepen. Minstrelshows (een Amerikaanse cabaretvorm) parodieerden het jodelen van de Hutchisons met hun eigen versie, die ze “Tyrolesian business” noemden. In 1853 parodieerden Christy’s Minstrels de Hutchinson Family met hun lied ‘We Come From the Hills With Tyrolean Echo’.

Hutchinson FamilySingers omstreeks 1845

In het zuiden van de Verenigde Staten had het gejodel een bijzonder gevolg. Blanke muzikanten combineerden de Europese jodeltechniek met de zangstructuur en melancholie van de Afrikaans-Amerikaanse blues en ook met de werkliederen van spoorwegarbeiders. Dit zorgde voor een unieke, rauwe variant die losstond van de vrolijke Alpentraditie. Dit is waar mijn interesse om de hoek komt kijken want deze muziekvorm spreekt mij erg aan.

Muziekhistorici schrijven de eerste country-opname met jodelen toe aan Riley Puckett in 1924. In 1928 bracht Jimmie Rodgers zijn opname “Blue Yodel No. 1” uit, waarin hij alpenjodelen vermengde met traditionele muziek, blues, zwerversmuziek en cowboymuziek. Rodgers’ “Blue Yodel” zorgde direct voor een nationale rage voor jodelen in de Verenigde Staten en, volgens een zwarte muzikant die in de buurt van Rodgers in Mississippi woonde, begon iedereen, zowel zwart als wit, Rodgers na te doen. Jimmie was het jaar daarvoor ontdekt en vanaf dat moment zou hij uitgroeien tot eerste superster van wat Amerikaanse Countrymuziek zou worden. Het jodelen zou tot ver in de jaren ’40 populair blijven maar met de opkomst van de moderne Country verdween het uiteindelijk.

Riley Puckett

Belangrijke pioniers

Jimmie Rodgers “de vader van de Countrymuziek” was in zijn eentje verantwoordelijk voor de jodel-explosie van eind jaren ’20. Vanwege zijn enorme invloed op de Countrymuziek zoals we dat vandaag de dag kennen wordt hij de vader van de Countrymuziek genoemd. Een andere bijnaam van hem is de “Blue Yodeler”. Met zijn nummer “Blue Yodel No. 1 (T for Texas)” scoorde hij een gigantische nationale hit. Hij zou er overigens twaalf opvolgers van maken. Vóór zijn muzikale carrière werkte hij op het spoor als remmer op een stoomtrein. Daarbij kwam hij in contact met zwarte bluesartiesten van wie hij de gitaarstijl leerde. De mengeling van blueszang, -gitaar en de weemoedige Amerikaanse jodelstijl bleken een gouden combinatie. Jimmie Rodgers mag het jodelen dan wel commercieel tot een succes gemaakt hebben, hij was niet de eerste die jodelde bij een muziekopname.

Jimmie Rodgers

Riley Puckett was een van de eerste vroege Countrymuzikanten die jodelde op een plaatopname. In 1924 nam hij het nummer “Sleep, Baby, Sleep” op en daarin jodelde hij. Jimmie Rodgers hoorde dit en nam er zijn eigen versie van op.

Emmet Miller was begin jaren ’20 een bekende minstel-zanger. Hij zong met een kenmerkende snik en jodel in zijn stem. Ook hij was van invloed op Jimmie Rodgers.

Goebel Reeves (1899-1959) was een interessant en kleurrijk figuur in de vroege Countrymuziek. Hij ruilde zijn middenklasse achtergrond in voor een zwervend vagebond bestaan rondom de spoorwegen. In Amerika noemt men dat een hobo. Een van zijn vele bijnamen was “The Texas Drifter”. De meest besproken mythe rondom Goebel is de bewering dat hij Jimmie Rodgers heeft leren jodelen. Volgens het verhaal van Reeves zouden de twee elkaar in de jaren 20 hebben ontmoet tijdens hun zwerftochten langs het spoor. Muziekhistorici hebben dit verhaal echter nooit hard kunnen maken. Reeves stond erom bekend dat hij de waarheid graag aandikte en kleurrijke verhalen verzon. Een feit is wel dat ze elkaar kenden van het spoorwegleven en wellicht dingen van elkaar overnamen.

Goebel Reeves

De jaren 30 de “singing cowboys”

Na het ongekende succes van Jimmie Rodgers transformeerde het jodelen verder naar de Westerncultuur. Ook in de films uit die periode zag je jodelende cowboys. Twee namen sprongen eruit: Gene Autry en Roy Rogers. Gene Autry begon zijn carrière eind jaren ’20 onder de naam “Oklahoma’s Yodeling Cowboy”. Roy Rogers werd uiteindelijk de absolute “King of the Cowboys”. Hij was te zien in talloze Westerns en perfectioneerde het jodelen tot een harmonieuze kunstvorm.

Invloed op de moderne muziek

Je zou het misschien niet verwachten maar al het gejodel uit de jaren 20 en 30 heeft een diep, blijvend stempel op de moderne Amerikaanse muziek gedrukt. Vandaag de dag is jodelen in de muziek een zeldzaamheid geworden maar het jodelen veranderde de techniek waarop veel zangers en zangeressen hun stem gebruiken. De belangrijkste erfenis van het jodelen is de zogenaamde vocal break of voice crack. Dit is de plotselinge, gecontroleerde overgang van de borststem (lage, krachtige tonen) naar de kopstem (hoge falsettonen). In de jaren ’40 en ’50 liet Country-icoon Hank Williams de jodel langzaam verdwijnen en slankte het af tot een soort ‘snik’ in zijn versie van “Lovesick Blues”. Het zorgde ervoor dat hij als geen ander emoties kon overbrengen met zijn songs. Een jaar of wat later hoorde je de ‘snik’ terug in de vroege nummers van Elvis Presley. In “Baby, Let’s Play House” uit 1955 hoorde je hoe hij zijn stem liet overslaan om zo passie en opwinding over te brengen. Het werd de blauwdruk voor de vroege rock ‘n’ roll.

Zonder de jodel-rage van de jaren 1920 hadden de zangstijlen van enkele van de grootste Amerikaanse iconen niet bestaan. Johnny Cash werd natuurlijk bekend door zijn prachtige lage stem maar in zijn vroege nummers probeerde hij Jimmie Rodgers na te doen. Het ritme en de uitspraak van Blue Yodel bleven altijd hoorbaar in Johnny Cash’ muziek.
Bij de eerste grote solo-hit van Dolly Parton (“Mule Skinner Blues (Blue Yodel No. 8)”, 1970) jodelde ze nog volop. Ze had die traditie meegenomen uit de streek waar ze vandaan komt: het Appalachen-gebergte. Haar latere stijl is hier rechtstreeks uit voort gekomen.

Het jodelen leerde Amerikaanse zangers dus om hun stem niet alleen als instrument voor tekst te gebruiken, maar ook als een emotioneel instrument dat kan breken, snikken en springen.

Muziek:

Meer dan 100 jaar oud, maar dit is een van de eerste nummers waarop je een jodelende country-artiest hoort.

Riley Puckett – Rock All Our Babies To Sleep (1924)

Emmett Miller was niet alleen een inspiratiebron voor Jimmie Rodgers maar ook voor Hank Williams die dit nummer coverde.

Emmett Miller – “Lovesick Blues” (1925 & 1928)

Jimmie Rodgers – “Blue Yodel No. 1 (T for Texas)” (1927/1928).
Dit is de plaat waarmee de jodelrage begon. Je kunt duidelijk horen dat de traditionele akoestische blues gemengd wordt met weemoedig gejodel. Onderstaande film dateert uit 1929.

..

Een mooi overgangsnummer tussen de rauwe bluesjodel van Jimmie Rodgers en de moderne romantische countrymuziek.

Gene Autry – “Cowboy Yodel” (1929)

Goebel Reeves – The Yodeling teacher (1934, als “The Texas Drifter”)
Hij gaat hier helemaal los:

The Yodeling teacher

Hank Williams liet horen dat zonder dat de jodel erg opvalt hij er toch nog steeds was.
Hank Williams – “Lovesick Blues” 1949

Bronnen:
is geschiedenis.nl
Zither.us
culture.fandom.com
nodepression.org
Countrymusic Hall of Fame.org
mshistorynow.mdah.ms.gov
wikipedia: Jimmie_Rodgers
nativeground.com

Johnny Joosse, 27 juni 2026

Plaats een reactie